Fragment

En zo vond ik mezelf aan het eind van een lange dag terug in een café aan de rand van de stad. Het lag op een hoek en als de deur openging raasde er een storm door zijn binnenste, het houtwerk kraakte, de ruiten rilden in hun sponningen, de deur was zwaar en viel zwaar in het slot. Wij werden door elkaar geschud als in een rijtuig dat over de keien ratelt. Glimmende paardenlijven. Regen. De lamp zwaait heen en weer.
Langzaam liet ik me achterover zakken.
Wat zou je nog bewegen, zei ik, als alles om je heen beweegt.


(Ongeluk als tijdverdrijf)

julesdister.nl Copyright © 2015